Verpletterd in Vegas

Verpletterd in Vegas

‘Hoe was het?’ is de vraag die onmiddelijk op iedere voormalig-vakantieganger wordt afgevuurd. Normaal ratel ik gelijk duizend woorden per minuut over alle dingen die ik heb gezien en gedaan, maar dit keer weet ik niet waar ik moet beginnen, want het was mijn eerste keer in Amerika en het was gigantisch, groots en grandioos.

Na tweehonderd dagen aftellen zette ik op 7 oktober 2015 voor het eerst voet in de Verenigde Staten van Amerika, in Los Angeles. Met slechts drie uurtjes nachtrust achter de rug gevolgd door een vlucht van elf uur (zonder slapen) hadden we bij aankomst op LAX al een aardige dag erop zitten, maar eenmaal uit het vliegtuig was ieder greintje vermoeidheid verdwenen: ik was écht in Amerika en dat kon ik maar moeilijk geloven na zes jaar samen fantaseren over het moment waarop mijn vriend mij eindelijk kon laten zien waarom hij zo gek is op dit land en deze cultuur. Hier waren we dan, rechtstreeks vanuit het vliegtuig in de huurauto, onderweg naar Sin City, want alsof een vlucht van elf uur niet lang genoeg is, hadden we besloten dat we onze roadtrip zouden beginnen in Las Vegas, zo’n vier uur rijden vanaf LA.

Zo veel als ik in LA zag (palmbomen! Gele brandkranen! Wat zijn de wegen breed! Wat zijn er veel pick-ups!), zo weinig zag ik de talloze miles erna, want de weg van LA naar Vegas loopt door de woestijn. Afgezien van her en der een verdwaalde rots, een tankstation en een klein dorpje, was er niet veel meer te zien dan droge, roodgekleurde vlaktes die zich oneindig ver uitstrekten. Dat is wel wat anders dan ons polderlandschap met om de tien minuten wel een dingetje of dorpje.

Vegas, baby!

“Als je Vegas ziet, dan weet je het gelijk,” had mijn vriend gezegd, dus als een kind dat met smart op Sinterklaas zit te wachten, staarde ik uit het raam in het pikkedonker totdat ik Vegas zag verschijnen: een zee van licht en kleur die vanuit het niets opdoemde. Inderdaad niet te missen.

Zoals in de films werden we begroet door neonborden en torenhoge hotels; door gokmachines en overdaad. Overrompeld door alle indrukken en moe van de lange dag besloten we gelijk te gaan slapen nadat we om tien uur ’s avonds incheckten in het Luxor.

Mooi overdag

De volgende ochtend werden we om zeven uur wakker zonder nachtelijke jetlag-perikelen. Ik deed de gordijnen open en keek uit op het zwembad met op de achtergrond palmbomen en een woestijn in helder zonlicht. Ik was echt op vakantie. Eindelijk.

Uitzicht vanuit het Luxor

Na een ontbijt in het New York New York-hotel (zo veel opties… Het kostte me een uur om een ontbijtplek te kiezen) hebben we over The Strip gestruind, van het Luxor, Excalibur, New York New York, Aria en Bellagio tot het Venetian. Alleen die hotels/casino’s bewonderen was al een hele belevenis, want niets is onmogelijk. Ik keek mijn ogen uit in het Aria door de stijlvolle, moderne en unieke inrichting en mijn mond viel open van verbazing in het Venetian, waar je je realiteitszin even verliest in een wirwar van Venetiaanse straatjes. Ik kan er nog steeds niet bij dat dit allemaal in een hotel zit – in een hotel! Mijn favoriet was het Bellagio, waar ik een beetje betoverd werd door de Halloweentuin in de Conservatory en het prachtige glaswerk in het plafond van entreehal.

Bellagio

Conservatory in het Bellagio

Conservatory in het Bellagio

Conservatory in het Bellagio

Entreehal in het Bellagio

Mysterieus (of maf?) in de nacht

Vegas overdag was heel anders dan ik had verwacht. Het beeld van Sin City in films als Ocean’s Eleven en The Hangover was mijn idee van Vegas – drank en gokken. Maar overdag is het vooral een stad die door de eeuwige zon, de warmte en de bijzondere gebouwen exotisch aandoet, je een vakantiegevoel geeft en dat is heerlijk. Pas ’s avonds lijkt het op het Vegas van de films en kom je er bizarre dingen tegen, zoals tijdens de Fremont Street Experience.

Deze belevenis vind je op Fremont Street in Downtown Las Vegas. Het is een open ruimte overkapt door een lang, gebogen beeldscherm. Eens per uur is daarop de Viva Vision Light Show te zien en sta je verbaasd naar boven te kijken alsof je een regen van vallende sterren ziet (ik in ieder geval wel) terwijl je het gevoel hebt dat je onderhand in een tv staat. Dit is niet het enige bizarre aan Fremont Street: terwijl je tussen de oude casino’s loopt, kom je de meest freaky figuren tegen in de raarste outfits (voor zover ze kleding aanhebben) en zoeven er constant mensen boven je hoofd aan een kabelbaan alsof ze Superman zijn.

Street Freemont Experience

Golden Nugget

Downtown Vegas

Goed gegokt

Pas na de Fremont Street Experience en na een mislukte poging om naar het Neon Museum te gaan (dankzij foute openingstijden in de Lonely Planet-gids, oei! Maar gelukkig vind je ook genoeg neonborden in het wild) belandde ik achter een gokkast, want zeg nu zelf, wat is Vegas zonder te gokken? Ik gooide wel een hele dollar in het apparaat, drukte een paar keer op een knop en verloor tachtig cent. Daarmee kon ik mijn eerste (en zeker niet laatste) bezoek aan Vegas afsluiten, op zijn eigen manier bijzonder en uniek, en gingen we terug naar onze kamer, want de volgende dag stond het eerste nationale park op de planning.

Bellagio

Bij het Venetian

New York New York

Luxor

Palazzo

Fountain Show bij het Bellagio

P.s. Dit is het eerste deel van een zesluik, want we hebben zo veel gezien en gedaan, dat dat niet in één blogje past.

1 reactie op “Verpletterd in Vegas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *