De catastrofe van de perzik

Sinds kort krijgen wij La Cucina Italiana thuis en als er iets is dat goed met mij samengaat, dan is het de Italiaanse keuken wel. En toetjes, die gaan er altijd in. Ik sloeg het blad open en zag een verse perzik in een prachtig koepeltje. Een knaller, dacht ik.

Het klonk niet al te moeilijk, wèl heel lekker en wat een plaatje! Nu moet ik erbij zeggen dat ik best een kookprinsesje ben (of nouja, dat vind ik van mezelf), maar zeker geen bakwonder en toetjes? Vlaflip is mijn hoogstandje, zeg maar. Maar dit toetje kon zelfs ik maken. Wat een vooruitzicht!

’s Avonds stond ik met mijn schort in de keuken. Het water om de verse perziken (gehalveerd en ontpit) in te blancheren was al aan de kook, de oven werd voorverwarmd op 200 graden en alles stond klaar. Foolproof.

Ontvellen

Iedereen kan wel een tomaatje ontvellen. Althans, zo lijkt het, want iedereen roept altijd dat het helemaal niet zo moeilijk is. Ik heb echter nog nooit (en ik overdrijf dit keer niet) met succes een tomaat ontveld en grijp dus altijd naar tomatenblokjes en ontvelde tomaten. Ja, die van Heinz. Ik kan er ook niets aan doen. Maar die perziken ontvellen, dat zou ik wel even doen. Ik stopte ze – zoals het recept me vertelde te doen – drie minuten in kokend water met een beetje suiker. Daarna liet ik ze afkoelen en verwijderde ik het velletje. Vraag niet hoe, want het leek wel een slagveld. De velletjes gingen er maar een klein beetje vanaf en er moest een dunschiller aan te pas komen. Een dunschiller, op een glibberige, warme perzik. Zucht. Weer geen succesnummer.

Hoop

Toch kreeg ik weer een sprankje hoop bij het maken van de vulling. Ik hakte twee walnoten fijn, deed daar twee eetlepels suiker bij, voegde een verbrokkelde lange vinger toe en op het laatst nog een eidooier. Er kwam een sticky goedje uit dat mij een prima vulling leek. Zie je, ik kan wel toetjes maken.

Puzzel

Daarna was het een kwestie van in elkaar zetten: de vulling ging in de perzikhelften, waar ik weer hele perziken van maakte. Deze zette ik op rondjes bladerdeeg met een doorsnee van ongeveer acht centimeter en ik legde er reepjes bladerdeeg overheen. Het bladerdeeg lakte ik af met een geklutst eitje en schakelde mijn vriend in om de koepeltjes veilig in de oven te krijgen. De zweetdruppeltjes stonden haast op mijn voorhoofd van de spanning en blijdschap. Nu kon er ècht niets meer mis gaan. Zelfs de saus van bosvruchten en 100 gram suiker (even blenden et voilá) leek een knaller te worden.

Rampenplan

Twintig minuten later ging de timer en zoals iedereen spiekte ik eerst even door de ovendeur (geef maar toe, jij doet dat ook nog steeds!). De teleurstelling: beide koepeltjes waren totaal ingestort. Mijn vriend fleurde me op door te zeggen dat het er juist mooi uitzag, alsof het zo hoorde. Blij maakte ik de foto’s voor het receptje op mijn blog en we vielen aan. Maar toen…

Prutperziken

En met prut bedoel ik niet dat ze zo rijp waren, dat ze tot prut verpulverd werden door onze messen. Nee, ze waren gewoon echt niet goed. We hadden nog net geen zaag nodig om erdoorheen te komen. Vooraf hadden we ons verheugd op een sappige, gevulde perzik in bladerdeeg. Dit leek eerder baksteen met bladerdeeg. Dat terwijl alles gelukt leek te zijn: mijn vriend likte zijn vingers af bij de simpele vulling, de saus was lekker en wat kan er nu misgaan met bladerdeeg? Maar de perziken verpestten het. Niet eens door het instorten. Het was alles behalve een tongstrelend tafereel. Sterker nog: het was een catastrofaal tafereel geworden. Of ben ik gewoon een bakkluns?

Oorspronkelijke recept komt uit La Cucina Italiana juli 2012.

6 reacties op “De catastrofe van de perzik

  1. Het heeft wel weer geleid tot een leuke blog! Maar ik sta er echt van te kijken hoezeer die foto’s echt totaal NIET op elkaar lijken…
    Hopelijk ben je nu niet meteen ontmoedigd en blijf je lekker kokkerellen 😉
    X

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *